Wonen op een woonboot. Net even anders dan op het land. Een tijdje terug vertelde ik hier op mijn blog over de vragen die het meest aan ons worden gestel over ons woonbootleven. Maar dat waren ze lang niet allemaal. Daarom vandaag een nieuwe ronde. Met vragen over hoe je eigenlijk aan een ligplaats komt en of een woonboot nou meer onderhoud vergt dan een ‘gewoon’ huis.

Woonbootleven: veel onderhoud!

Een vraag die we regelmatig krijgen is of we er niet enorm veel onderhoud aan hebben. Die vraag kunnen we volmondig met ja beantwoorden. Al hoewel het natuurlijk wel uitmaakt voor welk materiaal je kiest voor de woonboot. Omdat ik uit een echt ‘woonbootgezin’ kom, was gevelbekleding van ‘nep hout’ een no go. Hout hoort wat mij betreft bij een woonboot. We kozen voor red cedar hout. Mijn ouders en zus verven hun boot altijd. Wij kozen er voor om het hout te olieen in een oranjebruine kleur. Om de twee jaar zou je het zeker opnieuw moeten olieen. We wonen nu al sinds zomer 2010 op de woonboot. Sindsdien hebben we het maar een keer gedaan. En dan nog niet eens alle zijden van de woonboot. Dat begin je nu wel te zien aan de woonboot. Er ontstaan kale vlekken. Op sommige plekken is het weer in het hout getrokken en zie je zwarte plekken. Deze zomer staat het gepland om de gevel weer eens aan te pakken. Voor de kozijnen hebben we het onszelf wel makkelijk gemaakt: we kozen voor kozijnen val aluminium. Daardoor hebben we ietsje minder schilderwerk πŸ˜‰

Hoe vind je een ligplaats voor een woonboot?

In principe gewoon via makelaars. Zo komen woonboten op de markt. Er zijn ook makelaars die gespecialiseerd zijn in woonboten. Veelal zal het gaan om bestaande ligplaatsen waar al een woonark ligt. Op de Amsterdamse woningmarkt geldt dezelfde gekte voor woonboten als voor gewonen huizen. De bedragen zijn hoog en echt lang liggen ze niet te koop. Om die reden kan het helpen om brutaal te zijn: regelmatig krijgen wij briefjes in de brievenbus dat mochten we onze boot willen verkopen of weten van anderen aan de dijk dat ze dat gaan doen, of we dan contact willen opnemen.

Soms worden er nieuwe waterkavels uitgegeven. In Amsterdam gebeurt dat echt heel minimaal. Een enkele keer in nieuwe gebieden zoals IJburg of wijken zoals Buiksloterham die helemaal getransformeerd worden. Bij zulke kavels gelden dan wel vaak spelregels over de looks en duurzaamheid van je woonboot.

Ook goed om te weten is dat de ligplaats geen eigendom wordt. Je krijgt het recht op een ligplaats voor onbepaalde tijd. Dit is wel een risico. Mocht de gemeente andere plannen hebben met jouw plek, dan trek je meestal aan het kortste eind. Een woonboot is meestal speciaal gemaakt voor de plek waar die ligt. Je woonboot kan niet zomaar op een andere plek worden afgemeerd qua afmetingen of diepte bijvoorbeeld.

Kids en zwemles: doe je dat eerder als je op een woonboot woont?

In mijn vorige blog over het woonbootleven vertelde ik al dat ik het allemaal niet zo spannend is en dat onze tuin goed afgezet is. De kinderen kunnen niet bij het water. Scott is in maart vier geworden. Hij is vorige week begonnen met zwemles. Dat is niet heel erg vroeg maar ook niet erg laat. Dat we op een woonboot wonen, speelde geen rol in het beginnen met zwemles. Het was vooral Scott zelf die er steeds om vroeg wanneer hij nou op zwemles mocht.

Verhuren jullie de woonboot wel eens?

In het verleden hebben we dat heel veel gedaan. Met de kids nu wat minder. Maar binnenkort komt onze woonboot weer op Airbnb te staan. Toevallig recent een blog geschreven over het verhuren van onze woonboot.

Wat maak je alleen mee in het woonbootleven?

In de winter moet je oppassen met de waterleiding. Die gaat van de wal een stukje ‘door de lucht’ naar de boot. Dat stuk is extra gevoelig als het erg koud is. Het kan snel bevriezen. Mijn vader stond dan in zijn onderbroek met mijn moeders fohn de aansluiting te ontdooien.

De oplossing tegen bevriezen is om de waterleiding goed in te pakken met warmtelint of een kraantje in huis zacht te laten lopen. Een warmtelint om de waterleiding hadden we een hele tijd nog niet en we vergaten wel eens een kraantje open te laten staan. Of draaiden die uit automatisch weer dicht. En soms was dat ook gewoon niet genoeg om bevriezing tegen te gaan.

Net als mijn vader back in the days stond Hans dan met mijn fohn de waterleiding te ontdooien. Een fohn is een keer zo koud geworden dat de kop helemaal gesmolten raakte. Ondertussen kook ik dan op het gasfornuis in pannen water uit het kanaal. Dat bloedhete water gaat dan ook over de aansluiting heen. Meestal is het fohnen en twee pannen heet water weer ontdooid. Gelukkig is de waterleiding nu goed ingepakt en hebben we er afgelopen winter geen last meer van gehad!

Heb je nog niet genoeg gelezen over het woonbootleven en ben je benieuwd naar hoe anderen het vinden om te wonen op een woonboot? En te lezen over alle praktische zaken die komen kijken bij het kopen of bouwen van een woonboot? Lees dat het tijdschrift op het gebied van het woonbootleven: Vlot Magazine!

Wonen woonbootleven amsterdam

Woonbootleven

Uitzicht woonboot amsterdam